Transscript 2: Hans – Faek

F: Goeiedag.

H: Hey Faek, met Hans.

F: Hey, goeiedag.

H: Ik zag net dat je teruggebeld had.

F: Ja.

H: Ik was net te laat. Ik had jou gisteren 2 keer ingesproken. Had je dat gehoord?

F: Ja, heb ik gehoord, ja.

H: Okay. Hey, ik was benieuwd of je gister die advocaat nog gebeld hebt.

F: Ik had hem gelijk zondag al gesproken.

H: Zondag al?

F: Ja, ik heb hem zondag gesproken en hij zei uh …laat maar…wacht maar gewoon de reactie van de rechtbank af. Uhm, als er daar uhm zeg maar… hij heeft me geadviseerd om niet in gesprek te gaan met jou, zeg maar, uhm niet met jou en niet met Wim, zeg maar. Met niemand moet ik een gesprek aangaan. Ennuh, alles moet gewoon, zeg maar, via de rechtbank en zo gaan eigenlijk.

H: Ja, maar dat betekent dan dat jij voor lief neemt dat je opgeroepen wordt al getuige onder ede?

F: Ja, maar ….maar dat maakt niks uit.

H: Wat zei je?

F: Het maakt niks uit, zeg maar, als ik opgeroepen word, dan word ik opgeroepen als getuige. Dat is wat hij heeft geadviseerd.

H: Nou, er is nog iets anders, Faek, wat ik niet door de telefoon heb kunnen vertellen. Uhm, Kijk, het is wel iets heel belangrijks wat jij eigenlijk ook moet weten.

F: Mmm, okay.

H: Het staat even los van de advocaat.

F: Mmm.

H: Kijk, ik snap wel dat die advocaat dat jou adviseert. Dat snap jij natuurlijk ook wel…. Maar morgenmiddag ben ik in de buurt. Ben jij morgen ergens te bereiken? Thuis of bij de auto’s?

F: Ik ben gewoon in de buurt, maar eh..ik heb liever niet dat ik in gesprek ga.

H: Wat zei je?

F: Ik heb liever niet dat ik in gesprek ga, zeg maar, niet met jou en niet met Wim. Dat zegt hij, dat heeft hij mij geadviseerd, zeg maar.

H: Ja maar er is iets dat jij gewoon moet weten.

F: Maakt niet uit. Is niet belangrijk voor mij.

H: Ja maar als jij niet weet wat ik bedoel kun je ook niet weten of het belangrijk is.

F: Nee, maar voor mij is het niet echt heel belangrijk, zeg maar.

H: Ja, maar waarom had je dan naar die advocaat gewild met ons? Nog los van het feit dat die advocaat het nu afraadt, waarom had je dan naar die advocaat gewild?

F: Omdat hij mij kent …en hij is op de hoogte van de hele situatie, dus eh… en ik heb vertrouwen in hem, dus daarom…

H: Nee, maar als jij niks te vertellen zou hebben wat van belang is, dan had je ook niet naar die advocaat gehoeven. Dus dat is een beetje vreemd natuurlijk dan. Vind je niet?

F: Ja, maar dat is iets tussen mij en hem, zeg maar.

H: Wat zei je?

F: Dat is iets tussen mij en hem, zeg maar. Dat kan ik niet naar buiten brengen.

H: Ja, maar ja, weet je, die politieagent die een verklaring heeft afgelegd nu over wat jij ’s morgensvroeg op het politiebureau in Kollum hebt verteld, in Buitenpost…

F: Ja, ja?

H: Ja, je kunt dat tackelen als je het slim aanpakt, maar ik kan jou dat niet door de telefoon vertellen hoe je dat zou moeten doen. Als die man daarbij blijft, dan eh …. Of ze klagen je aan voor meineed, daar staat 6 jaar op in Nederland, of je hebt in de publiciteit een gigantisch probleem. Dan slachten ze je ook. Dan zeggen ze: Ja luister ‘s, die man die heeft 15 jaar zijn mond gehouden, die rare Mustafa.

F: Mmm. Nee maar eh… het maakt mij niks uit, eigenlijk. Is niet zo belangrijk voor mij.

H: In allebei de gevallen maakt het jou niks uit?

F: Nee nee.

H: Ook niet als je van meineed zou beschuldigd worden?

F: Nou, ik wil dat waarschijnlijk met de advocaat, zeg maar, bespreken. Dan eh…

H: Ja maar ik had hem dat graag willen vertellen… zonder dat … je hoeft van mij geen beslissing te nemen.

F: Ja maar, er is geen beslissing om te nemen, zeg maar. We wachten , zeg maar eigenlijk, we wachten gewoon de officiële brieven af. Ennuh… zeg maar …. dat lijkt voor ons de beste weg. Dus eh… als ik word opgeroepen als getuige, zeg maar, dan kunnen we gewoon dan alles bespreken en zien hoe alles verloopt.

H: Ja, maar jij weet ook dat je dan moet vertellen wat er ’s morgens gebeurd is. Wat je hebt verklaard.

F: Nou eh …. ik vertel wat ik weet wat er gebeurd is … dus. Want voor mij is het niet zo van belang, zeg maar, het maakt mij niets uit.

H: Nee nee. Nou ja, mocht er nou verandering zijn, Faek, dan bel ik je wel. Maar is het niet mogelijk dat ik even alleen naar die advocaat stap om uit te leggen wat er speelt?

F: Uh, nee nee. Gewoon samen … het gaat via mij, zeg maar, en ik met hem.  Dus eh … hij heeft, zeg maar, mij geadviseerd om niet met jou in gesprek te gaan en ook niet met Wim.

H: Nee, maar Wim speelt geen rol. Ik heb met jou steeds contact gehad.

F: Ja maar, hij heeft ook met mij contact opgenomen, dus ik …heb toen ook het contact met hem verbroken.

H: Wanneer heeft hij jou gebeld dan?

F: Ik weet niet meer, maar hij heeft mij, zeg maar, een paar keer gebeld, maar ik heb contact met hem, zeg maar, verbroken.

H: Ja maar dat is lange geleden toch? Hij heeft toch niet recent gebeld naar jou?

F: Nee nee, maar uh, ik weet niet meer precies maar uhm …

H: Ik heb hem verboden om met jou contact op te nemen omdat ik dat echt samen met jou even wilde bespreken. Wanneer heeft hij dan voor het laatst met jou gebeld, Faek? Weet je dat zo uit je hoofd, ongeveer?

F: Uh … het was vorig jaar, maar ik weet het niet meer precies.

H: Oh, ja, nee, dat klopt wel. Ik heb ervoor gezorgd dat die spullen van de website af gingen.

F: Nee nee, volgens mij… ik heb tegen hem gezegd: Ik heb die website nog nooit bezocht eigenlijk, zelf.

H: Wat zei je?

F: Ik heb zijn website nog nooit bezocht, dus eh, ik weet niet wat er staat, wat er weg is, wat er niet weg is, dus eh….

H: Nee nee, maar ik heb ervoor gezorgd dat alles weg ging en dat heb ik jou verteld.

F: Ja ja, maar voor mij is het niet echt belangrijk ofzo.

H: Ja, maar het is jammer dat ik het je niet persoonlijk kan vertellen, want er zijn toch wel, er spelen toch wel dingen die voor jou heel erg belangrijk zijn, in ieder geval om te weten. Kijk, wat je ermee doet is jouw zaak. Ik heb ook tegen jou gezegd als we bij die advocaat zitten: Ja, je hoeft geen beslissingen te nemen van mij, maar dan weet die advocaat in ieder geval wat er speelt. Dat is toch wel belangrijk!

F: Ja maar, hij heeft me gewoon, op dit moment, heeft hij mij gewoon geadviseerd om niet in contact te komen, om niet met jou en niet met Wim, dus eh…ik ga, zeg maar, zijn, zeg maar, zijn raad volgen, ja.

H: Ja, maar zeg jij nou tegen mij dat onder ede durft te vertellen dat jij een verklaring hebt afgelegd op het politiebureau, dat jij ….

F: Nee, ik ga, zeg maar, ik ga gewoon niks vertellen aan jou. Dus eh … als ik opgeroepen word bij de rechtbank, dan vertel ik wat ik weet.

H: Ja, Nou ja, dan, goed, mocht er nog iets zijn, fijn dat je me teruggebeld hebt en ….

F: Dan bel ik je!

H: Dan hoor ik het graag van je.

F: Is goed, okay. Fijne avond.

H: Okay, Joo, Doei!

Advertenties

Over Wim Dankbaar

researcher/publicist/ondernemer
Dit bericht werd geplaatst in Joris Demmink, Marianne Vaatstra. Bookmark de permalink .

2 reacties op Transscript 2: Hans – Faek

  1. Ronald zegt:

    Het valt mij op hoe vaak Faek het stopwoordje “zeg maar” gebruikt. Ik tel het maar liefst 24 keer in de gesprekken met Hans.

    Hier staat een interessante analyse:

    https://motherboard.vice.com/nl/article/een-korte-geschiedenis-van-de-stopzin-zeg-maar-

    “Volgens taalcolumnist Pauline Cornelisse is het gebruik van ‘zeg maar’ een laffe manier van spreken waarmee je alles minder letterlijk maakt.”

    Cornellise stelt dat ‘zeg maar’ dingen vrij vaag houdt, waardoor mensen een slag om de arm kunnen houden. Want je zegt iets, maar toch eigenlijk ook weer niet.

  2. Ik vind het zeg maar bepaald geen zelfvertrouwen uitstralen dat woord…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s